Portret Van Jonge Maker {Anne van Veen}

Anne van veen - bart grietens-2.jpg

Foto Bart Grietens

Het Compagnietheater toont (on)bekend podiumtalent. Iedere maand belichten we één van deze jonge, talentvolle makers. Drie vragen, drie antwoorden. 
Dit keer het portret van Anne van Veen  die haar nieuwe voorstelling 'B O I'  bij ons brengt.
 
Wie is jouw inspirator?

Inspiratie… Het kan uit alle hoeken komen. Vaak onverwacht. Ik weet inmiddels dat het nodeloos is om je inspiratie aan te willen jagen. Inspiratie laat zich niet dwingen. Daarom was het voor mij een mooi besef dat ik van iemand hoorde dat inspiratie afgeleid is van het woord ‘spirare’: uit te leggen als ‘ademhalen.’ Ben ik gepreoccupeerd met allerhande nevenzaken: komt er niets. Maar als ik de tijd durf te nemen, de leegte toelaat, soms zelfs de verveling… ik blader door de krant, zie een foto of een beeld, zit in de bioscoop, kijk talloze films, schrijf, ben verzeild geraakt in een diep gesprek, of sta onder de douche: dan ga ik ‘aan.’ Woody Allen zei over dat laatste: ‘de meeste inspiratie komt onder de douche.’ Iets onverklaarbaars nog, grijpt me, raakt me, verwart me en fascineert me. Ik wil er alles van weten, associeer, graaf en ga op onderzoek uit. “Vind je dit leuk, dan hou je misschien ook van….” en zo verzamel ik tal van bronnen die zich lenen voor datgene waar ik een voorstelling over wil maken. Het is net als met een Renault Capture bijvoorbeeld (die auto met dat chocoladeblok aan de zijkant), eenmaal gezien, zie je hem overal. 

Wat maakt 'B O I' de must see van het seizoen?

Van meet af aan wilde ik met mijn nieuwe voorstelling een andere weg inslaan. Ik wilde mijn drie liefdes: theater, literatuur en muziek combineren. Met de keuze voor regisseuse Julie Van den Berghe (NNT) kon ik die wens kracht bijzetten. Daarnaast heb ik het -mede dankzij subsidie van de Gemeente Utrecht- voor elkaar gekregen om met drie muzikanten te werken. Dat biedt een groter muzikaal palet en het sloot aan bij mijn verlangen om een ‘vergeten’ muzikaal genre op te poetsen. Tevens is BOI inhoudelijk gezien erg actueel: het gaat over androgynie en seksualiteit. Niet over transseksualiteit. Dat zou je kunnen denken... androgynie is iets anders. Om dat te belichten grijp ik terug naar mythes over androgynie, hele oude teksten, het evangelie van de ongelovige Thomas bijvoorbeeld, en citeer ook uit een essay van Neerlandica en Hoogleraar genderstudies Maaike Meijer. Rode draad vormen de teksten uit een roman van Annemarie Schwarzenbach. Zij was in haar tijd (rond 1930) een icoon vanwege haar androgyne verschijning.

Wat wordt jouw volgende project?

Voorlopig tour ik nog even met BOI. Met een uitloper naar Vlaanderen. Daarnaast zal er in de nabije toekomst een tweede roman van mijn hand verschijnen. Op het vlak van theater maken is er alweer een nieuw ideetje ontsproten. Dit zal van opzet wederom heel muzikaal zijn en opnieuw bestaan uit eigen en andermans (lied)teksten.

 

B O I, Anne van Veen
za 4 februari, grote zaal
Lees meer

 

 

 
Design } GOING & CMS } Masterwebber Home } Sitemap } Contact }